
“Rosse Rosse” — een Italiaanse overtreffende trap die “zeer rood” betekent — plaatst menstruatiebloed in het middelpunt van de belangstelling. Terwijl bloed de visuele cultuur doordringt — van religieuze iconografie tot cinema — blijft menstruatiebloed grotendeels afwezig, verborgen door schaamte, taboe en een overgeërfd onbehagen. Deze afwezigheid weerspiegelt een geschiedenis van representatie die gevormd is door patriarchale structuren en culturele stilte. In composities die zowel geënsceneerd als intiem zijn, worden de materiële eigenschappen van menstruatiebloed geïsoleerd en versterkt: dichtheid, glans, vloeibaarheid, chromatische intensiteit. Ontdaan van eufemismen en metaforen verschijnt het zoals het is — materie. Aanwezigheid. Spoor. Het herhaaldelijke contact van de huid met het bloed — alledaags en toch ontregelend — onthult de spanning tussen vertrouwdheid en afwijzing. De beelden dramatiseren of verfraaien niet. Ze nodigen simpelweg uit om te kijken, de blik te laten rusten en waarnemingen te heroverwegen. Door menstruatiebloed als materiaal en onderwerp te gebruiken, brengt het werk iets intiems en organisch naar voren, iets dat zelden wordt afgebeeld en toch zeer alledaags is. Hier is menstruatiebloed geen spektakel, symbool of viering. Het is een materiële realiteit — intiem, cyclisch, onvermijdelijk. Het rood dringt zich op. Het vlekt. Het blijft.
3 werken
2019 - lopend